Ik reageer niet zozeer inhoudelijk op je bijdrage, maar wil wel even mijn algemene indruk kwijt. Ik heb namelijk de indruk dat je mensen met pedofiele gevoelens erg in hokjes wil indelen, terwijl de grenzen tussen die hokjes er eigenlijk niet zijn. Ik versta dat je het niet hebt voor hokjedenken, een mens valt nu eenmaal niet te herleiden tot een categorie. Ik ben zeker voorstander van individualiseren want niemand is hetzelfde en dat is iets dat ik meeneem uit m'n opleiding. Het gebruik van categorieën is wel interessant omdat een categorie bepaalde kenmerken bevat die handig kunnen zijn om een profiel te schetsen. Dit is naar mijn mening echter niet voldoende want gedrag is nu eenmaal multi-factorieel bepaald en iemand begrijpen gaat dus verder dan die kenmerken zoeken en een etiket erop plaatsen. Een vb waarom een categorie dus wel handig zou zijn: stel dat je als sociaal werker iemand begeleidt en die persoon vertelt aan jou dat hij of zij pedofiele gevoelens heeft. Ik vind het dan belangrijk dat je onderscheid ziet tussen pedofilie en pedoseksualiteit en de verschillende vormen daarin. Als je dan bv iemand als Dutroux als pedofiel bestempelt kan dit wel gevaarlijk zijn voor vertrouwen in de relatie. En als een pedofiel zich door gebrekkige kennis zich associeert met iemand als Dutroux dan kan dit mogelijks nefast zijn voor zijn zelfvertrouwen. Als je deze thread leest dan merk je dat sommigen er inderdaad wel last van hebben dat de term pedofiel eigenlijk nooit correct wordt gebruikt. Dat lees ik ook trouwens in andere threads. Categorisatie is dus naar mijn mening wel zinvol, dit in een individualistisch perspectief welteverstaan.
Maar dat kan je denk ik helemaal niet zo stellig beweren. Ook in de groep pedoseksuele delinquenten die Hutsebaut onderzoekt zullen zeker mensen zijn die wel van kinderen houden, ook op zo'n manier dat je ze pedofiel kan noemen. Je kan je natuurlijk afvragen waarom die mensen dan een pedoseksueel delict plegen. Daar zijn vele antwoorden op te bedenken, die zich voor een groot deel laten samenvatten door het spreekwoord "het vlees is sterker dan de geest". Maar ook het kwaad ervan niet inzien, verleid worden door een jongen/meisje die dat later tegen je gebruikt of puur een consensuele seksuele relatie tussen een volwassene en een minderjarige (wat deels ook onder dat spreekwoord valt) zijn redenen voor een rechter om iemand te veroordelen voor misbruik of zelfs verkrachting. Die mensen horen dan dus bij Hutsebauts onderzoeksgroep. Daders van seksuele delicten worden ook weer in groepen (weer die hokjes) ingedeeld; de Rutgers Nisso Groep kan je daarover aan meer informatie helpen (hoewel je voor literatuur dan wel naar Utrecht toe moet - het goede nieuws is dat hun documentatiecentrum vlak bij Utrecht Centraal gevestigd is). Zie ook hun website. Ik neem aan dat ook Hutsebaut zich bewust is van dit verschil in daders. Zelf zou ik ze in drie groepen indelen: de antisociale daders (daders die als motief machtswellust of geld hebben), de pedofiele daders (pedofielen die de verleiding niet konden weerstaan van een kind dat zich open stelt voor seksuele handelingen of bij wie de lustgevoelens zo groot werden dat zij overgingen tot seksueel misbruik) en de eenzame daders (daders die bij gebrek aan het vermogen om een volwassen partner te vinden een kind misbruiken ter bevrediging van de seksuele behoefte).
Ondanks mijn betoog tegen het willen indelen in hokjes vind ik de laatste verdeling wel nuttig, omdat er hier wel een duidelijk onderscheid is tussen de drie groepen en een dader niet snel ergens ertussenin zal vallen. Ik hoop dat je er iets mee kan.
Dat is inderdaad ook wel een zinvolle indeling. Ik zie mij wel niet gauw naar Utrecht verplaatsen want ik ben van België. Ik zal je link wel bekijken en wat je hierboven hebt gezegd in het achterhoofd houden.
Op zich wilde ik hokjesdenken niet afkraken. We zijn het eens over het nut ervan. Alleen als de grenzen tussen hokjes vaag zijn of er helemaal niet zijn is hokjesdenken wel zinloos. Je indeling moet dus wel zeer helder zijn.
Mijn eigen indeling hierboven zal vast ook niet 100% waterdicht zijn; mensen kunnen een nog ander motief hebben voor een pedoseksueel delict of zij kunnen meerdere motieven hebben gehad. Het is belangrijk om jezelf bewust te zijn van de tekortkomingen van een indeling en daar constructief oplossingen voor bedenken.
Ik reageer niet zozeer inhoudelijk op je bijdrage, maar wil wel even mijn algemene indruk kwijt. Ik heb namelijk de indruk dat je mensen met pedofiele gevoelens erg in hokjes wil indelen, terwijl de grenzen tussen die hokjes er eigenlijk niet zijn.
Ik versta dat je het niet hebt voor hokjedenken, een mens valt nu eenmaal niet te herleiden tot een categorie. Ik ben zeker voorstander van individualiseren want niemand is hetzelfde en dat is iets dat ik meeneem uit m'n opleiding. Het gebruik van categorieën is wel interessant omdat een categorie bepaalde kenmerken bevat die handig kunnen zijn om een profiel te schetsen. Dit is naar mijn mening echter niet voldoende want gedrag is nu eenmaal multi-factorieel bepaald en iemand begrijpen gaat dus verder dan die kenmerken zoeken en een etiket erop plaatsen. Een vb waarom een categorie dus wel handig zou zijn: stel dat je als sociaal werker iemand begeleidt en die persoon vertelt aan jou dat hij of zij pedofiele gevoelens heeft. Ik vind het dan belangrijk dat je onderscheid ziet tussen pedofilie en pedoseksualiteit en de verschillende vormen daarin. Als je dan bv iemand als Dutroux als pedofiel bestempelt kan dit wel gevaarlijk zijn voor vertrouwen in de relatie. En als een pedofiel zich door gebrekkige kennis zich associeert met iemand als Dutroux dan kan dit mogelijks nefast zijn voor zijn zelfvertrouwen. Als je deze thread leest dan merk je dat sommigen er inderdaad wel last van hebben dat de term pedofiel eigenlijk nooit correct wordt gebruikt. Dat lees ik ook trouwens in andere threads. Categorisatie is dus naar mijn mening wel zinvol, dit in een individualistisch perspectief welteverstaan.
Maar dat kan je denk ik helemaal niet zo stellig beweren. Ook in de groep pedoseksuele delinquenten die Hutsebaut onderzoekt zullen zeker mensen zijn die wel van kinderen houden, ook op zo'n manier dat je ze pedofiel kan noemen. Je kan je natuurlijk afvragen waarom die mensen dan een pedoseksueel delict plegen. Daar zijn vele antwoorden op te bedenken, die zich voor een groot deel laten samenvatten door het spreekwoord "het vlees is sterker dan de geest". Maar ook het kwaad ervan niet inzien, verleid worden door een jongen/meisje die dat later tegen je gebruikt of puur een consensuele seksuele relatie tussen een volwassene en een minderjarige (wat deels ook onder dat spreekwoord valt) zijn redenen voor een rechter om iemand te veroordelen voor misbruik of zelfs verkrachting. Die mensen horen dan dus bij Hutsebauts onderzoeksgroep. Daders van seksuele delicten worden ook weer in groepen (weer die hokjes) ingedeeld; de Rutgers Nisso Groep kan je daarover aan meer informatie helpen (hoewel je voor literatuur dan wel naar Utrecht toe moet - het goede nieuws is dat hun documentatiecentrum vlak bij Utrecht Centraal gevestigd is). Zie ook hun website. Ik neem aan dat ook Hutsebaut zich bewust is van dit verschil in daders. Zelf zou ik ze in drie groepen indelen: de antisociale daders (daders die als motief machtswellust of geld hebben), de pedofiele daders (pedofielen die de verleiding niet konden weerstaan van een kind dat zich open stelt voor seksuele handelingen of bij wie de lustgevoelens zo groot werden dat zij overgingen tot seksueel misbruik) en de eenzame daders (daders die bij gebrek aan het vermogen om een volwassen partner te vinden een kind misbruiken ter bevrediging van de seksuele behoefte).
Ondanks mijn betoog tegen het willen indelen in hokjes vind ik de laatste verdeling wel nuttig, omdat er hier wel een duidelijk onderscheid is tussen de drie groepen en een dader niet snel ergens ertussenin zal vallen. Ik hoop dat je er iets mee kan.
Dat is inderdaad ook wel een zinvolle indeling. Ik zie mij wel niet gauw naar Utrecht verplaatsen want ik ben van België. Ik zal je link wel bekijken en wat je hierboven hebt gezegd in het achterhoofd houden.
Bedankt voor de constructieve feedback
Op zich wilde ik hokjesdenken niet afkraken. We zijn het eens over het nut ervan. Alleen als de grenzen tussen hokjes vaag zijn of er helemaal niet zijn is hokjesdenken wel zinloos. Je indeling moet dus wel zeer helder zijn.
Mijn eigen indeling hierboven zal vast ook niet 100% waterdicht zijn; mensen kunnen een nog ander motief hebben voor een pedoseksueel delict of zij kunnen meerdere motieven hebben gehad. Het is belangrijk om jezelf bewust te zijn van de tekortkomingen van een indeling en daar constructief oplossingen voor bedenken.