Het voorkomen van seksueel misbruik van minderjarigen

Het lezen van de titel wekt de verwachting dat hier een pleidooi volgt over het gevaar
van pedofielen en de plicht van de maatschappij om kinderen tegen deze monsters te
beschermen door foto’s en namen van pedofielen openbaar te maken en zo pedofielen te
weren uit onze maatschappij. Integendeel. In de nu volgende uiteenzetting wordt
aandacht besteed aan het averechtse effect van het maatschappelijk optreden als het
gaat om het voorkomen van seksueel misbruik van minderjarigen.

Kinderen krijgen tijdens hun ontwikkeling te maken met een groot aantal gevaren uit
onze maatschappij. Ouders en opvoeders proberen hun kinderen zo veel mogelijk
hiertegen te beschermen. Deze bescherming bestaat enerzijds uit voorkomen van
situaties waar kinderen gevaren tegenkomen en anderzijds uit het creëren van inzicht
opdat kinderen deze gevaren zelf leren herkennen. Het gevaar dat schuil gaat in het
dagelijks wegverkeer is hier een goed voorbeeld van. Ouders zullen er primair voor
zorgen dat hun kinderen niet in gevaarlijke verkeerssituaties terechtkomen en de
overheid streeft er naar om speelruimte zoveel mogelijk af te schermen van drukke
verkeerssituaties. Kinderen krijgen echter hoe dan ook te maken met het verkeer,
wanneer zij bijvoorbeeld naar school fietsen. Het is dus onmogelijk om kinderen volledig
af te schermen van gevaar en het werkt op langere termijn averechts. Als kinderen niet
zelf ervaren waar gevaren zich bevinden, krijgen ze immers nooit het inzicht om die
gevaren te herkennen. Om die reden wordt er binnen het onderwijs aandacht besteed
aan verkeer en bestaan er zaken als verkeersles en het verkeersdiploma. Kinderen
worden onder begeleiding vertrouwd gemaakt met het verkeer en leren de gevaren van
het verkeer te herkennen. Kinderen krijgen een beeld dat gebaseerd is op eigen ervaring.

Hoe zit dat nu met het gevaar van seksueel misbruik? Gaat dit zelfde verhaal nog steeds
op? Iedereen tracht kinderen te beschermen tegen seksueel misbruik en dus wordt
primair gezorgd dat de omgeving waarin kinderen opgroeien vrij is van mensen die
seksueel misbruik plegen. Dit is tot zover een logisch verhaal, maar is het een afdoende
oplossing? In de praktijk blijkt absoluut van niet en dat is eveneens logisch als we een
vergelijk maken met het zojuist beschreven gevaar binnen het dagelijks verkeer. Hoe
leren kinderen het gevaar voor seksueel misbruik te herkennen? Op basis van welke
ervaringen wordt van kinderen verwacht dat zij weten waar dit gevaar zich schuil houd
en hoe weet een kind wat te doen als deze situatie plotseling opduikt? Heeft het gevaar
een herkenbaar gezicht? Heeft de maatschappij zelf eigenlijk wel een herkenbaar beeld
en is dit beeld juist? Is de kennis waarop veel mensen hun beeldvorming baseren in veel
gevallen niet uitsluitend ‘voor waar aangenomen kennis van anderen’?

In de beeldvorming van sommige Nederlanders is een pleger van seksueel misbruik te
vinden in de bosjes bij de speeltuin. Hij heeft een snor, draagt een oude regenjas en is in
het bezit van snoepjes. Middels deze snoepjes tracht hij in contact te komen met
kinderen met als doel deze op een afgelegen plek op brute wijze seksueel te misbruiken
of zelfs te vermoorden. Het liefst legt deze snor het hele gebeuren vast op video om later
van na te genieten of om door te verkopen aan Marc Dutroux.

Bovengenoemde beeldvorming is natuurlijk wel heel erg cliché, maar een groot deel van
de mensen heeft jammer genoeg een beeld dat hier niet ver vandaan ligt. De kans dat
een kind bij een speeltuin een man met een snor in regenjas met een lolly tegenkomt en
vervolgens slachtoffer wordt van seksueel misbruik is gelukkig nog altijd kleiner dan de
kans geschept te worden door een vrachtauto zonder dodehoek-spiegel. Dit is logisch
want speeltuinen worden terecht zo veel mogelijk gebouwd op plaatsen waar toezicht is
en bosjes of enge hoekjes worden in het ontwerp zorgvuldig weggelaten. Kinderen
krijgen een gedetailleerde omschrijving mee van de eventueel tegen te komen ‘vreemde
man’.
Uit mijn eigen jeugd kan ik herinneren hoe deze mannen mij voorgehouden werden. Een
vriendje wist mij te vertellen dat deze enge mannen ‘kinderlokkers’ werden genoemd, dat
ze er op uit waren om je mee te nemen en om vieze dingen met je te doen, iets met
poep en plas ofzo. Ik vond dat een raar idee en probeerde mij voor te stellen wat voor
dingen dat dan precies zouden kunnen zijn. Als ik al spelende weer eens de tijd vergat en
in de schemer langs het bos naar huis liep, maakte de gedachte aan deze mysterieuze
‘kinderlokker’ mij vaak bang. In praktijk ben ik een dergelijk figuur nooit tegengekomen
en ik vroeg mij destijds af of deze verschijning in werkelijk niet gewoon een broer van
Sinterklaas was.

In mijn kindertijd speelde ik veel buiten en ik kan mij herinneren dat onze levendige
beweging wel eens de aandacht trok van volwassenen. Enkele van die volwassenen,
meestel mannen, leken serieus geïnteresseerd in hetgeen wij aan het doen waren.
Sommige namen zelfs de tijd om ons te helpen met bijvoorbeeld het bouwen van een hut
of speelde een potje voetbal mee. Deze mannen waren aardig en werden beschouwd als
gelijke. Deze mannen waren te vertrouwen en voldeden totaal niet aan het beeld dat ik
had van mijn ‘kinderlokker’.

Hoe zit het eigenlijk met die oppas waar de kinderen zo dol op zijn? Wat bezielt die
sporttrainer waar de kinderen zo mee weg lopen? Heeft die Scoutingleider niets anders te
doen dan elke zaterdag met die jongetjes op stap gaan? Zo zijn er vele voorbeelden te
noemen waarin de band tussen een kind en een externe volwassene vertrouwelijker
wordt en waarbij ouders het vertrouwen geven in handen van deze ‘vreemde’ externe
volwassene.

Wanneer ontstaat er een situatie met een verhoogd risico op seksueel misbruik?
Theoretisch is er een risico op elk moment dat een kind en een volwassene alleen zijn.
De kans dat een vertrouwelijke band ontstaat tussen kind en volwassene is groter,
wanneer het kind en de volwassene vaker met elkaar in contact komen. Is het ontstaan
van vertrouwelijke banden tussen kinderen en volwassenen dan per definitie risicovol?
Als het antwoord ‘ja’ is, moet dan elk contact tussen een kind en een externe volwassene
als risicovol worden aangemerkt en zou men uit het oogpunt van veiligheid elk contact
met elke externe volwassene moeten vermijden of zelfs moeten verbieden? Lijkt mij nog
al een fobische gedachte. Men vermijdt immers ook niet dat kinderen in aanraking
komen met verkeerssituaties in het algemeen. Als dat wel het geval zou zijn, zou geen
enkele 18 jarige ooit in staat zijn een rijbewijs te halen. Maar als het antwoord nou ‘nee’
is. Wat zijn dan de criteria waarop men de overtuiging veilig of onveilig moet baseren?
Het uitblijven van een antwoord op deze vraag roept volgens mij nog veel meer angsten
en twijfels op.

Wordt seksueel misbruik van minderjarigen uitsluitend gepleegd door pedofielen of
mensen met pedofiele gevoelens? Is een pedofiel altijd een pedoseksueel? Kent elke
pedoseksueel tevens pedofiele gevoelens en wat is het verschil?

De definities voor de benamingen pedofiel en pedoseksueel worden verschillend
geïnterpreteerd. ‘Pedofilie’ betekent in de meest letterlijke interpretatie ‘het houden van
kinderen’ en klink op zich zelf vrij positief. In praktijk wordt de benaming ‘pedofiel’ echter
gebruikt om diegenen aan te duiden die seksueel delicten plegen met kinderen. Een
pedofiel kent (seksuele) gevoelens op een exclusieve manier toe aan kinderen. Niet-
pedofielen kunnen eveneens in meer of mindere mate pedoseksuele gevoelens hebben.
Een pedofiel kent echter niet of nauwelijks andere seksuele gevoelens dan die voor een
kind, terwijl een niet-pedofiel los van seksuele voorkeur eveneens seksuele verlangens
kan hebben richting kinderen.

Om misverstanden te voorkomen gebruik ik liever de meest letterlijke interpretatie van
beide termen en kom ik tot de volgende definities.

  • Een pedofiel is iemand die de omgang met kinderen prefereert boven die met
    volwassenen, aan deze omgang alle menselijke emoties toekent en hier in praktijk
    ook naar handelt.

  • Een pedoseksueel is iemand die seksuele fantasieën heeft met betrekking
    tot kinderen en hier in
    praktijk ook naar handelt.

In beide definities wordt onder ‘het handelen naar’ niet uitsluitend het plegen van
zedendelicten verstaan, maar wordt de meest ruime zin des woords bedoeld.

Nu de definities gesteld zijn, is het nuttig om enkele delicten van elkaar te
onderscheiden.

1. Seksueel geweld
Onder deze noemer vallen alle delicten waarbij seksueel misbruik een uiting is van
geweld of in combinatie met geweld voorkomt. Kenmerkend aan deze delicten is het
destructieve gedrag van de dader, voortvloeiend uit gevoelens van haat en wraak.
Ernstige persoonlijkheidsstoornissen liggen hier aan de basis. Negatieve of
traumatische ervaringen kunnen, in combinatie met wraakgevoelens en gevoelens
van onmacht, leiden tot gewelddadig gedrag tegen de maatschappij. Bij seksueel
geweld ligt de nadruk dus op het geweld als uiting van haat of wraak. Seksueel
misbruik is in dit geval de vorm van uiting. Zware fysieke mishandeling, verkrachting
en zelfs moord liggen in het verlengde of gaan hiermee samen. Frustratie jegens de
maatschappij wordt geprojecteerd op een kwetsbaar kind en dient als vergelding voor
het leed dat de dader is aangedaan. De dader kiest zijn slachtoffer vaak in volledige
willekeur. Slachtoffers beleven een traumatische ervaring die vergelijkbaar is met
andere vormen van geweld of intimidatie.

2. Incidenteel seksueel misbruik
Hieronder bevinden zich de gevallen waarbij de dader nooit eerder bewust
pedoseksuele gevoelens kende, totdat hij het delict pleegde. Dit zijn vaak mensen die
gewoon getrouwd zijn en soms zelf kinderen hebben. Onverwerkte gevoelens uit het
verleden kunnen leiden tot frustratie. De stressfactor is vaak erg hoog. Regressie
kan, in combinatie met een toevallige samenloop van omstandigheden, op een
gegeven moment leiden tot een seksueel delict. Misbruik kan zowel binnen als buiten
het gezin plaatsvinden. Het slachtoffer is vaak een bekende van de dader. Van directe
dwang is soms sprake, maar meestal niet. Slachtoffers zijn vaker meisjes dan
jongens.

3. Seksueel misbruik met pedoseksueel motief
Dit betreft alle delicten waarbij de dader handelt uit puur seksuele opwinding. Een
pedoseksueel beschouwd een kind dus als object van lust. Dit beschouw ik zelf als
stoornis. Er is geen enkele menselijke interactie, laat staan emotionele band, tussen
dader en slachtoffer. Slachtoffers zijn vaak volledig willekeurig. Vaak is er sprake van
meerdere losstaande delicten zoals gluren, betasten en het bekijken of uitwisselen
van pornografie. Pornografie, vooral extreme kinderporno werken deze lustfantasieën
in de hand. Deze seksuele afwijking kan, in combinatie met een
persoonlijkheidsstoornis, tevens leiden tot extremer seksueel misbruik onder dwang.
In het verlengde hiervan staat seksueel misbruik met commercieel motief, ofwel het
maken en verhandelen van kinderporno.

4. Pedofiele relatie
Bij deze vorm gaat het vaak om langdurige (seksuele) omgang tussen een pedofiel en
een minderjarige. Er is altijd sprake van een vertrouwensband tussen dader en
slachtoffer. Seksuele omgang bestaat over langere periode. Er is geen sprake van
dwang richting het kind. Seksuele omgang wordt in beginsel door het kind als prettig
ervaren. Het niet-seksuele speelt de belangrijkste rol. Vandaar mijn benaming
‘relatie’. Schadelijk is het feit dat alles in het geheim plaatsvindt. Verreweg de meeste
schade ontstaat echter nadat het verhaal voor de buitenwereld bekend wordt. De
reactie van de ouders en de directe omgeving, maar zeker de reactie van
hulpverleners als Jeugdzorg en Justitie, brengen de meeste blijvende schade toe.

 

Het voorkomen:

1. Gelukkig is de kans zeer klein dat kinderen met een gewelddadige vorm van seksueel
geweld te maken krijgen. Kinderen die weinig bescherming van huis uit krijgen,
maken echter meer kans om slachtoffer te worden. Het enige dat men kan doen is
zorgen voor constant toezicht en het vermijden van risicovolle situaties. Laat kinderen
bijvoorbeeld niet alleen in het donker naar huis fietsen en laat kinderen niet hele
dagen zonder toezicht buiten spelen. Zorg dat je altijd weet waar je kind is en geef
bijvoorbeeld een mobiele telefoon mee. Leer een kind om niet met een vreemde mee
te gaan.

2. Incidenteel seksueel misbruik kan feitelijk iedereen overkomen. Ieder kind en elke
volwassene kan in theorie slachtoffer of dader worden van een dergelijke situatie,
mits de ‘juiste’ combinatie van omstandigheden zich voordoet. Stress op het werk of
binnen een huwelijk kunnen een oorzaak zijn. De daders hebben veelal geen
overheersende seksuele voorkeur voor minderjarigen, maar het ‘deurtje’ naar
pedoseksuele prikkels heeft wel altijd op een kier gestaan. Daders zijn relatief goed
behandelbaar middels groepstherapie. Het ontdekken van de diepere oorzaak en het
leren herkennen van situaties met verhoogd risico verkleinen de kans op herhaling
aanzienlijk.

De beste manier om te voorkomen dat kinderen hier slachtoffer van worden is een
stukje voorlichting aan kinderen. Stel dat een oom of een buurman op een feestje na
het drinken van een paar biertjes wat vrijer is in de omgang. Kinderen zullen dit in
veel gevallen als grappig ervaren en de kans bestaat dat kinderen ingaan op deze
speelse manier van aanraking. Knuffelen, op schoot zitten en stoeipartijtjes ontstaan
gauw. Wanneer kinderen geleerd hebben dat dergelijke spelletjes bij de volwassene
nog andere gevoelens kunnen opwekken en dit leren herkennen, kunnen kinderen
zelf bijdragen aan het voorkomen van een te intieme omgang. Het is dus zaak dat
kinderen weten van het bestaan van een seksuele lading bij sommige handelingen.

3. Bij seksueel misbruik uit pedoseksueel en commercieel motief worden kinderen zowel
direct als indirect gebruikt als lustobject. Er wordt duidelijk misbruik gemaakt van de
naïviteit van kinderen om kinderen aan de zetten om dingen te doen die ze niet uit
zich zelf zouden doen, zoals het tonen van geslachtsdelen, zich onzedelijk laten
betasten of deelnemen aan prostitutie. De schadelijke gevolgen voor het kind zijn
afhankelijk van de aard en gradatie van handelingen. In het overgrote deel van de
gevallen is er niet of nauwelijks schade bij het slachtoffer, zeker wanneer een situatie
zich eenmalig heeft voorgedaan. Men kan de lichte situaties als eenmalige
betasting of het tonen van geslachtsdelen vaak bij afdoen met: ”Wat een rare
man was dat zeg”. Maak hier in ieder geval zeker geen justitieel circus van. Ik heb het dan over zaken die vallen onder schending van de
lichamelijke integriteit van het kind en niet over zaken die vallen onder aanranding of
verkrachting want die horen wat mij betreft thuis bij seksueel geweld. Tegen dit
laatste zijn kinderen alleen te beschermen door de overheid d.m.v. intensieve en
levenslange behandeling van daders, zoveel mogelijk in gesloten inrichtingen. Er is
voldoende kennis en ervaring bij hulpverlenende instanties om slachtoffer te
begeleiden. Blijvende schade kan meestal worden voorkomen.

4. Dan hebben we tot slot de pedofiele relatie. Dit is een moeilijke kwestie. Voordat men
kan gaan nadenken over het voorkomen van deze vorm van ‘misbruik’ dient men
eerst stil te staan bij het ontstaan van een dergelijke relatie. Een pedofiele (seksuele)
relatie ontstaat op basis van een wederzijds groeiende intimiteit. Als ouder verliest
men de grip op de situatie wanneer de band tussen kind en pedofiel intiemer wordt
dan de band tussen kind en ouders. Als ouders nauwelijks aandacht schenken aan een
kind, dan zal dit kind meer open staan voor de aandacht van een pedofiel. Het gaat
hier niet om kwantitatieve aandacht, maar om kwalitatieve aandacht.

De collectieve denkfout die veel gemaakt wordt is dat een pedofiel altijd op zoek is naar
het ‘zwakste’ slachtoffer. Een pedofiel zou een soort zesde zintuig hebben om sociaal
zwakkere kinderen op te sporen. Vervolgens legt een pedofiel contact met het ‘slachtoffer’
en begint met het opbouwen van een vertrouwensband en een afhankelijkheidssituatie.
De pedo bakt vervolgens zoete broodjes met de ouders van het kind en op termijn vindt
seksueel misbruik plaats. Het kind zou dit misbruik lange tijd gedogen doordat de
pedofiel door de gecreëerde afhankelijkheidssituatie macht heeft. Op latere leeftijd krijgt
het slachtoffer problemen met zijn eigen seksuele gevoelens. Dit zou het gevolg zijn van het
seksueel misbruik.

Er bestaan ook kinderen die gewoon op zoek zijn naar aandacht en intimiteit van
(mannelijke) volwassenen. Tenslotte is elke homofiel ook ooit een klein jongetje geweest
en is elke vrouw die een veel oudere man is getrouwd ook ooit een klein meisje geweest.
Elke identiteit van een volwassene ligt als kind al in de basis en wordt op vroege leeftijd
al ontwikkeld. Pedofielen hebben inderdaad een zesde zintuig voor het herkennen van
zojuist beschreven kinderen, maar de pedofiel en het kind hebben in eerste aanleg
een wederzijdse behoefte aan intimiteit. Ze zijn als het ware naar elkaar op
zoek, de pedofiel alleen wat bewuster dan het kind.

Nu we iets genuanceerder en eerlijker gekeken hebben naar het ontstaan van een
intieme omgang tussen een volwassene en een kind, kunnen we ons bezig gaan houden
met de volgende vragen;

  • Is het ontstaan van verhoogde intimiteit tussen een pedofiel en een kind te
    voorkomen?

  • Is het verstandig om deze verhoogde intimiteit tussen een pedofiel en een kind tegen
    te gaan?

Het antwoord is in mijn ervaring op beide vragen resoluut NEE!

Het is voor iemand met een overheersende pedofiele voorkeur in de huidige tijd niet
bepaald eenvoudig om jezelf te zijn. Het onderdrukken van een identiteit leidt tot allerlei
persoonlijkheidsstoornissen. Wanneer De Maatschappij een heersende mening heeft als:
“Wij zullen die vuile pedo’s wel even uit Onze Maatschappij weren”, dan is het niet zo
verwonderlijk dat ‘die vuile pedo’s’ op termijn een wereldbeeld ontwikkelen als:
“Wanneer Jullie ons uit Jullie Maatschappij weren, dan sluiten wij ons wel aan bij hen die
ons niet veroordelen en dat zijn kinderen”. Het demoniseren van pedofielen heeft dus
een averechts effect. Het brengt namelijk pedofielen en kinderen maatschappelijk dichter
bij elkaar.

Wanneer men een pedofiel structureel zijn identiteit blijft afnemen, zal dit op termijn de
pedofiel frustreren. In het voorgaande is beschreven dat frustratie kan uitmonden in
incidenteel misbruik door alledaagse ‘gewone’ burgers uit ‘Onze’ maatschappij. Ga dus
vooral als maatschappij een pedofiel frustreren in de uiting van zijn identiteit. . . Spoor
elke pedofiel op en zet ‘m in een database. Zet z’n foto en adres op internet. Maak al z’n
sociale contacten kapot, steek z’n huis in brand en bezorg dit onmens het trauma van z’n
onwaardig leven . . . Verdiep je vervolgens in de oorzaken van incidenteel seksueel
misbruik, delicten uit pedoseksuele frustratie en sekueel geweld . . . En trek je eigen
conclusie!

Intimiteit tussen een kind en een volwassene ontstaat als resultaat van een behoefte van
beide kanten en is dus niet tegen te gaan. Mijn pleidooi is dan ook:

  • Geef mensen met pedofiele gevoelens een plaats binnen de maatschappij. Het zijn de
    mensen waar kinderen zo dol op zijn. Het zijn de mensen die zich met volledige
    toewijding voor kinderen inzetten.

  • Frustreer een pedofiel niet door hem buiten de maatschappij te plaatsen, want de
    kans dat hij ook seksueel gefrustreerd raakt is vrij groot.

  • Maak pedofilie onderdeel van de dagelijkse maatschappij en maak het onderwerp
    bespreekbaar, ook voor kinderen. Kinderen zijn namelijk de eerste die met pedofilie
    te maken krijgen!

Reacties

Weet je,
voor mij heeft pedofilie.nl heeft zijn nut steeds ietsje meer bewezen.
Op het begin waren er opmerkingen dat deze site geen toegevoegde waarde zou hebben ten opzichte van alle sites die er al bestonden.
Ik ben daar niet tegenin gegaan (want op dat moment vond ik de toegevoegde waarde ook nog discutabel).
Maar als het alleen al enkele mensen aantrekt die dit soort artikelen gaan schrijven... (of bijv. mensen zoals Jahr die zinnige vragen stellen) dan is de site voor mij al geslaagd Smile

Ik ben wel benieuwd wat de gemiddelde mens denkt van je motivatie van 'het voorkomen' van categorie 3; of ze dat hetzelfde zien.

Met de punten die je maakt nadat je resoluut NEE hebt gezegd (als de aap uit de mouw van dit artikel is gekomen, zeg maar Wink ), ben ik het in grote lijnen wel eens. Toch doet het op deze manier iets af aan de consequentie van het artikel. Alle motivatie die je geeft voor jouw 'NEE' is namelijk vanuit het standpunt van de pedofiel. Of het kind er al dan niet nadeel van ondervindt, daar wordt geen woord meer aan vuil gemaakt.

En ik denk trouwens niet dat alle jongetjes die zich 'dit soort meer intieme aandacht van een volwassen kennis laten welgevallen' jonge homofieltjes zijn. Jongetjes zijn gewoon nieuwsgierig, of vinden iets gewoon leuk of lekker... en als men er in slaagt om er geen psychologisch circus omheen te bouwen, zal in er in een groot deel van de gevallen niets aan de hand zijn(*) en zullen veel van die jongens een hetero-leven gaan leiden.
(En voor meisjes kan best hetzelfde gelden. Daar kan ik me minder in inleven, dat laat ik aan iemand anders over Wink)

Maar dat is geneuzel in de marge.
Dankjewel voor dit artikel!

(*) waarmee ik niet gezegd heb dat we die vriendelijke pedo maar lekker aan jongetjes moeten laten zitten, he... Ik ben even een 'geen homofiel' punt aan het maken, dat is alles.

Dank voor je reactie. Ik ben het met je eens dat het laatste stuk inderdaad vrij eenzijdig is en snel tot conclusies komt. Anderzijds ben ik blij dat ik niet ben ingegaan op de positieve/negatieve invloed voor een kind dat (niet seksuele) intieme omgang heeft met een volwassene. Er is namelijk nogal veel over te zeggen, voldoende voor een volgend artikel.

Het is mij niet gelukt om dit onderwerp in het kort toe te voegen in de argumentatie van mijn artikel. De positieve en negatieve ervaringen die bij een intieme omgang tussen een kind en een volwassene een rol spelen zijn te complex om kort samen te vatten en hebben niet direct verband met de titel en strekking van mijn verhaal.

Ik ben nog wel van plan om het laatste deel te wijzigen, danwel aan te vullen. Ik vind het zelf namelijk ook niet het beste stukje motivatie.

Anderzijds ben ik blij dat ik niet ben ingegaan op de positieve/negatieve invloed voor een kind dat (niet seksuele) intieme omgang heeft met een volwassene. Er is namelijk nogal veel over te zeggen, voldoende voor een volgend artikel.

Daar heb je weer helemaal gelijk in. Daar hoefde ik dan weer niet aan te denken bij het schrijven van de reactie. Iets met stuurlui en wal... Wink

Opties reactieweergave

Kies uw favoriete manier om reacties weer te geven en klik op "instellingen opslaan" om uw veranderingen te activeren.